Specifieke eisen voor warmtebronnen
1 Bij gebruik van gas :
Elke volle gasfles die gevuld werd in een erkend vulcentrum is voorzien van een veiligheidsetiket (zwarte vlam op een rode achtergrond) en de gaskranen dragen een plastiek zegel. Indien dit niet het geval is is de kans heel groot dat deze gasfles illegaal werd gevuld en dat de wettelijke verplichtingen niet werden nagevolgd. De gasflessen dienen steeds rechtop te staan en beveiligd tegen omvallen. De maximale keuringstermijn van deze gasflessen bedraagt naargelang het type van de fles 10 of 15 jaar. Op de gasflessen wordt steeds de datum van de eerste keuring en de herkeurdatum ingeslagen door een erkend organisme.
Gebruik van de juiste ontspanner :
Afhankelijk van het type gas dient steeds gebruik gemaakt te worden van de juiste ontspanner (28 of 37 mbar) op de gasfles.
Voor Butaan:
Aan de uitgang van de gasflessen met butaan moet men altijd een drukregelaar (ontspanner) plaatsen die druk van 1700 mbar naar 28 mbar reduceert.
Voor Propaan :
De propaaninstallaties dienen(vanaf 2 toestellen) altijd uitgerust te worden met een dubbele ontspanning. Een eerste ontspanner wordt buiten aan de gasflessen geplaatst die de gasdruk reduceert van 7 bar naar 1.5 bar wat de aanbevolen druk is voor het binnentreden in lokalen. De tweede ontspanner, geplaatst juist voor de gebruikstoestellen, reduceert de druk van 1.5 bar naar 37 mbar of 50 mbar.
De plaatsing van een enkele ontspanner die de druk reduceert van 7 bar naar 37 mbar of 50 mbar mag slechts toegelaten worden wanneer de gasfles of gasflessen slechts aangesloten zijn aan één toestel.
Vaste gasinstallaties dienen jaarlijks gekeurd te worden. Het geldige keuringsattest dient aanwezig te zijn in de stand.
Gebruik van soepele leidingen volgens de Europese norm EN559 :
Voor gebruiksinstallaties op butaan of propaan mogen GEEN andere slangen gebruikt worden dan deze die aanvaard zijn voor vloeibaar gemaakte petroleumgassen in de gasfase. Op de slangen zijn leesbare onuitwisbare markeringen aangebracht met maximum één meter tussen elke markering . Bij deze markeringen staat tenminste de waarde van de maximale werkdruk (min 15 bar) alsook het fabricagejaar, het merk of logo van de fabrikant en de aard van het gas waarvoor de slang mag gebruikt worden.
De slang mag maximum 2 meter lang zijn en dient regelmatig vervangen te worden. Deze slang dient om de 5 jaar te worden vervangen.
De uiteinden van de slang worden vastgehecht door spanbeugels op de slangappels die aangepast zijn aan haar inwendige diameter.
De aandacht van de gebruiker dient gevestigd te worden altijd op de goede staat van de slang te letten.
2. Bij gebruik van elektriciteit :
* De installatie dient conform het Algemeen Reglement op Elektrische Installaties te zijn.
* Bij elektriciteitsafname vanuit een onroerend goed dient een geldig elektrisch keuringsattest voorgelegd. Voor een particuliere woning is de geldigheidstermijn van dit keuringsattest Max. 25 jaar voor een handelspand (bedrijf, winkel...) Max. 5 jaar.
* Elektrische toestellen en verlengdraden dienen een CEBEC-label te dragen .
De standen en wagens met een vaste installatie op elektriciteit dienen een geldig keuringsattest van een erkend keuringsorganisme te kunnen voorleggen aan de controletaak van de veiligheidsdiensten.
3. Bij gebruik van houtskool
In geen geval mag het publiek rechtstreeks in contact kunnen komen met de warmtebron.
4. Algemene eisen voor warmtebronnen.
Verwarmingstoestellen met petroleum mogen enkel gebruikt worden met voorafgaande toestemming van de brandweer.
Verlichtingstoestellen met open vlam zoals toortsen blijven te allen tijde verboden.
Tafelkaarsen zijn met voorafgaande toestemming wel toegelaten.
In geen geval mogen warmtebronnen rechtstreeks in contact kunnen komen met het publiek.
In de onmiddellijke omgeving van de warmtebronnen mogen geen brandbare materialen liggen. Onder de warmtebron zelf dient een brandveilige plaat gelegd te worden. Bij de warmtebronnen moet een brandblusapparaat 6 kg ABC of 5 kg CO2 binnen handbereik aanwezig zijn. Betreffende het gebruik en de geldigheids- of keuringsdatum gelden de voorschriften betreffende brandpreventie. Het blustoestel dient jaarlijks gekeurd te worden.